Het Borstvoedingsclubje

Het borstvoedingsclubje

Het is zover: mijn eerste uitje sinds de geboorte van onze tweede dochter. Een borstvoedingsinformatieavond leek me perfect om mee te beginnen. Lekker laagdrempelig en het past in mijn kleine wereldje van baby’s, luiers, borsten en melkproductie. Fijn theeleuten met gelijkgestemden en wie weet kon ik er wat van opsteken. Bij binnenkomst valt het decor mij op: moeders mét kind, al dan niet aan de borst. De mijne lag thuis te slapen, het was tenslotte míjn uitje. Geen moment er aan gedacht haar mee te nemen. Goed, met een bakje thee nestel ik me in mijn stoel, nietsvermoedend en onbevooroordeeld.
Tijdens het voorstelrondje hoor ik diverse moeders vertellen dat ze een jaar of soms twee jaar borstvoeding geven. Ik ben onder de indruk. Het is mijn beurt. “Wat zijn de do’s en dont’s van kolven? En wanneer kan ik er mee beginnen?” “Kolven?, dat moet je alleen doen als het écht nodig is”, bijt een van de moeders mij toe. Het gelijkgestemden gevoel is meteen weg. Langzaamaan begin ik in te zien dat ik hier niet hoor, ik ben een dissident. Ik heb binnenkort een etentje, dus het ís echt nodig, zo denk ik bij me zelf. Even herinner ik me de leus van een vriendin: “Voorraad=vrijheid!” Maar deze scandeer ik niet. Met een aantal die hard borstvoedende moeders tegenover me verwacht ik weinig medestanders.
Ik verdenk de andere moeders er eerder van alle websites en fora af te struinen om maar te achterhalen hoe je aan het scheetje van je spruit kunt ruiken of het honger heeft. Het moederschap wordt tot een kunst of universitaire studie verheven. Met de ‘Oei ik groei’ bijbel op het nachtkastje als ultieme studiegids. Noem mij een heidense moeder, maar ik heb deze holy bible nooit ter hand genomen. Ik ben meer het mannelijk soort moeder en hoef niet elk huiltje, boertje of scheetje te benoemen en te categoriseren. De See- what-happens-stijl is op mij meer van toepassing.
Dit klinkt wel heel stoer, toch voel ik me als een dertienjarig schoolmeisje die haar huiswerk niet heeft gemaakt. Want zo schijn ik als enige niet te weten dat de melk NÓÓIT geschud mag worden, maar men roere deze met een vork… ‘Shaken, not stirred’ gaat hier dus niet op. Maar ik besluit me deze keer niet stil te houden en vind dat er een tegenklank geuit moet worden om mijn soort te vertegenwoordigen: “Goh, ik heb er altijd lustig op los geschud”, geef ik onomwonden toe. Tien paar ogen vol ongeloof staren naar mij, maar ik houd stand. Je maintiendrai.
Het was een aardige avond en toegegeven: ik heb er wat opgestoken (stirred, not shaken!). Maar ik besluit dat mijn soort niet gedijt bij borstvoedingsclubjes. Volgende keer maar naar de kroeg.

Hoi! Ik ben Froukje. Getrouwd met Anne Jan. Moeder van twee, soms drie meiden van 3, 7 en 13 jaar oud. Van zusterliefde tot catfights, van eerste tandjes tot eerste vriendjes … we maken het allemaal mee. En jullie dus ook door mijn blog bij Villa Vrolijk. Kinderen en (een poging tot) opvoeden zijn soms uitputtend, maar altijd een onuitputtelijke bron om over te schrijven. Daarbij is mijn credo: lang leve de imperfectie!

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Verplichte velden zijn gemarkeerd met *